Ooit zou bluesrakker Robert Johnson zijn ziel aan de duivel hebben verpatst. Het lijkt aannemelijk dat zijn apostel Eric Clapton met hetzelfde doel naar de crossroads is getrokken, en hij daarbovenop een onbeperkt aantal vrouwen, sportbolides, Armani-pakken en het geluk van een zondagskind heeft bedongen. Heroïne snuiven deed hij jarenlang met een gouden lepeltje om zijn nek. Maar ook daarvoor en tot lang daarna wist de rotverwende, van alle plichtsbewustzijn ontslagen Clapton niet waar zijn grenzen lagen.
...