Niemand weet waar ze vandaan komen, niemand begrijpt welke taal ze spreken en niemand snapt hoe ze 's nachts even plots weer kunnen verdwijnen. Tweeëndertig kinderen die in het provinciestadje San Cristóbal opduiken, zadelen de autoriteiten op met een raadsel. Aanvankelijk blijven ze onder de radar. Ze zijn niet de enige straatkinderen en hun acties beperken zich tot het gebruikelijke kattenkwaad: een paar blikjes frisdrank gappen of het verkeer belemmeren door tikkertje spelen. Niets zorgwekkends, tot ze, gewapend met messen, een brutale overval op een supermarkt plegen ...